user_mobilelogo
facebook_page_plugin

header Klooste ML

Abdij Maria Laach
De abdij van Maria Laach ligt in het Eifelgebied ten zuidwesten van de Laacher See nabij Andernach (Rijnland-Palts, Duitsland). De abdijkerk geldt als een van de belangrijkste bouwwerken in Staufische stijl. De plaatsnaam Laach dankt zijn naam aan het daar gelegen vulkanische meer (de naam "laach" is afgeleid van het oudhoogduitse woord "lacha", van Latijn "lacus" = nl. "meer"). De abdij werd oorspronkelijk Abdij Laach genoemd tot omstreeks 1862 de jezuïeten er de naam "Maria" aan hebben toegevoegd. De Latijnse naam is Abbatia (Maria) ad Lacum of Abbatia (Maria) Lacensis. Direct achter de abdij ligt de militaire begraafplaats, waar zesendertig - in de Tweede Wereldoorlog gesneuvelde - Duitse militairen zijn begraven.
  
 
Stichtingsgeschiedenis
De grondlegging van de benedictijnenabdij van Maria Laach gebeurde in 1093 door paltsgraaf Hendrik van Laach (†1095) en zijn echtgenote Adelheid von Orlamünde-Weimar (†1100), weduwe van paltsgraaf Herman II van Lotharingen (†1085). De stichting was echter niet meteen een succes. In 1112 diende de volgende paltsgraaf Siegfried van Ballenstedt de stichting te vernieuwen en plaatste ze als priorij onder het toezicht van de abten van de abdij van Affligem in het toenmalige landgraafschap Brabant. Zowel de abdij van Affligem als Maria Laach waren namelijk paltsgrafelijke stichtingen. Omstreeks 1100 lag het grondplan van de abdijkerk reeds vast. Als eerste abt werd de vierde door de abdij van Affligem uitgezonden prior, Gilbert, verkozen. In 1138 maakte Maria Laach zich definitief los van Affligem, wat achteraf bevestigd werd in keizerlijke en bisschoppelijke oorkonden. Gilbert van Affligem stierf in 1152 en werd in de crypte van de abdij begraven. Tijdens de ambtsperiode van zijn opvolger, abt Fulbert (1152-1177) werd de abdijkerk in 1156 ingewijd door Hillin von Fallermanien, aartsbisschop van Trier. Tijdens zijn abbatiaat bleef er nog steeds een zeer intense samenwerking met Affligem bestaan, onder meer met kunstzinnige uitwisselingen tussen hun scriptoria. De oostzijde van de abdijkerk werd pas in 1177 voltooid, de westzijde in 1216 onder abt Albert (1199-1216). Tussen 1220 - 1230 onder de zesde abt Gregor (1216-1235) werd aan de westzijde nog een vierkante narthex (voorhal) met binnentuin (sinds 1928 met een leeuwenbron), een zogenaamd paradisium, aangebouwd.
Gesundland
daun
eifelsteig
eifel
adv vulkan
Advertentie
ph-48
PH 48